Je staat in de winkel of op een website en je krijgt twee prijzen te zien. De telefoon los kost een bedrag van drie of vier cijfers dat je meteen betaalt. Bij een abonnement betaal je nul euro vooraf, en gaat het maandbedrag een paar tientjes omhoog.
De tweede optie voelt bijna altijd goedkoper. Vaak is hij dat niet.
Waar de aanbieder zijn geld verdient
Een provider verdient niet aan het toestel. Toestellen hebben een smalle marge en komen bij dezelfde distributeur vandaan als bij de webshop om de hoek. De winst zit in de bundel. Bellen en data kosten hem per klant nauwelijks meer naarmate je er meer van gebruikt.
Dat verklaart de constructie. De korting die je vooraf op het toestel krijgt, wordt terugverdiend via een hoger maandbedrag over 24 maanden. Sinds 2017 moet die toestelbijdrage apart op je contract staan, dus je kunt hem zelf narekenen.
En daar zit de kern: hoe kleiner je databundel, hoe gunstiger een toestel bij je abonnement. Bij een grote bundel zit er al zoveel marge in dat de aanbieder de toestelkorting er niet bovenop hoeft te leggen. Bij een kleine bundel wel.
De som die je zelf kunt maken
Er zijn maar twee getallen nodig.
Route A, toestel bij je abonnement. Aanbetaling + (toestelbijdrage × looptijd) + (abonnement × looptijd) + aansluitkosten − kortingen.
Route B, los kopen plus sim only. Losse toestelprijs + (sim only × looptijd) + aansluitkosten − kortingen.
Deel beide door het aantal maanden en je hebt twee bedragen die je naast elkaar kunt leggen. Dat doen wij op elke toestelpagina. De goedkoopste route staat bovenaan, ook als dat los kopen is en wij daar minder aan verdienen.
Wat het nu concreet doet
Hieronder staat per toestel wat beide routes kosten in onze eigen vergelijking, en welke route wint. Let op hoe het omslagpunt verschuift. Bij een duur toestel weegt de toestelkorting zwaarder dan bij een goedkope telefoon.
Drie dingen die niet in de prijs zitten
Een toestel op afbetaling is een lening. Betaal je een telefoon in termijnen en ligt het bedrag boven de wettelijke drempel, dan geldt dat als consumptief krediet. De aanbieder registreert dat bij het BKR. Die registratie kan meewegen bij een latere hypotheekaanvraag. Bij los kopen speelt dat niet. Hoe zwaar het weegt hangt af van je situatie. Vraag het je hypotheekadviseur, niet je telecomaanbieder.
Je zit 24 maanden vast. Een sim only van twaalf maanden of maandelijks opzegbaar geeft je de ruimte om over te stappen zodra er iets beters is. Met een toestelcontract kun je dat twee jaar lang niet, ook niet als de prijzen in de markt dalen.
Reparatie en garantie lopen anders. Koop je los bij een winkel, dan is die winkel je aanspreekpunt. Zit het toestel in je abonnement, dan is dat de provider. Beide werken, maar het scheelt in doorlooptijd en in wie je aan de lijn krijgt.
Wanneer een abonnementstoestel wél wint
Om de andere kant ook te noemen: er zijn situaties waarin route A gewoon goedkoper of verstandiger is.
- Kleine bundel, duur toestel. Dan is de toestelkorting groot en de bundelopslag klein.
- Je hebt het geld nu niet. Duizend euro in één keer is voor veel mensen geen optie. Spreiden heeft dan waarde die niet in een rekensom past. Weet wel wat het je kost.
- Je wilt één factuur en één aanspreekpunt. Dat is gemak, en gemak mag geld kosten zolang je weet hoeveel.
Wat nu
De rekensom is per toestel anders, dus hij staat per toestel op de site. Op de toestelvergelijking zie je bij elke telefoon beide routes naast elkaar, met de goedkoopste bovenaan en de opbouw uitklapbaar eronder.
Kies je voor los kopen, dan is de volgende vraag welke sim only daarbij past. Op de sim only-vergelijking staat het netwerk bij elke rij, want dat bepaalt je dekking. Tussen twee merken op hetzelfde netwerk zit soms tien euro per maand verschil voor hetzelfde bereik.